zondag 23 oktober 2011

Hedendaags sprookje: Midnight in Paris

De verkoudheid is weer volledig teruggekomen. Dat verklaart de - relatieve - fysieke malaise van zaterdag - met een mislukte duurloop als gevolg. Het min of meer zieke gevoel hield vandaag aan. Met pijn en moeite trapte ik achter mijn wederhelft aan, op weg naar Clingendael, en het wandelen ging ook niet vol bruisende energie zullen we maar zeggen. Pijnlijke knieën, verstopte neus, lichte druk op het hoofd, hoestbuien. Maar kom op, afgelopen met het gezeur! Gaat wel weer over allemaal.

Na de wandeling door Clingendael, fietsten we via de Koekamp naar Het Plein. Het was nog vroeg, dus tijd zat om iets te gebruiken op een van de volle terrassen, iedereen wilde nog even van de zon genieten. Zowaar vonden we een plekje in de volle najaarszon die nog krachtig scheen. Na de muntthee en de cappucino liepen we naar het Buitenhof om de fietsen te stallen. Nog een rondje lopen langs de Hofvijver en via het Binnenhof terug naar Pathé. Wij gingen naar de film 'Midnight in Paris' van regisseur Woody Allen.

De film opent met voor iedereen herkenbare en markante beelden van Parijs. In een collage komen ze voorbij: de Moulin Rouge, de Tuilleruien, de Seine, de Arc de Triomphe, het Louvre, de Eiffeltoren enzovoorts. Dat alles gefilmd in de tinten van ingekleurde, enigszins vergeelde prentbriefkaarten, dat 'oudheid' suggereert alhoewel de joggers die we zien rennen door het park, de pyramide voor het Louvre enzovoorts getuigen van de moderne tijd anno 2010.

Dan komen we in het verhaal over Gil, een jonge Amerikaanse scenario-schrijver die met zijn vrouw Parijs bezoekt en geïnspireerd wordt een roman te schrijven. Hij raakt helemaal betoverd van de stad, ooit dè wereldstad van kunst en cultuur, een positie die door New York is overgenomen. Terwijl zijn vrouw en schoonouders opgaan in het hedendaagse Parijs, trekt Gil zich steeds meer terug in het verleden van de stad met grote namen als Ernest Hemigway, Gertrude Stein, Salvador Dali, Scott Fitzgerald, Man Ray, Picasso en vele anderen. Tijdens een nachtelijke wandeling wordt hij door een stel vrolijke feestgangers in een oldtimer overgehaald mee te gaan en raakt hij daadwerkelijk verzeild in een andere tijd, de jaren twintig van de vorige eeuw. Daar ontmoet en spreekt hij daadwerkelijk Hemingway, Toulouse Lautrec, Dali en Stein. Hij legt het concept van zijn roman ter beoordeling voor aan Gertrud Stein. Ook raakt hij verliefd op de minnares van Picasso.

Er zijn subtiele verwijzingen naar het sprookje van Assepoester: elke nacht klokslag twaalf begint zijn leven in de jaren twintig, als in een zeer heldere, niet van het dagbewustzijn te onderscheiden droom. Ondertussen heeft Gil de grootste moeite om het leven in het verleden te verzoenen met het 'normale' leven overdag, wat tot verwijdering van zijn vrouw leidt. Van humor is de film vanzelfsprekend (want met een regisseur als Woody Allen) niet gespeend. Zo verdwaalt een detective, die de argwanende republikeinse schoonvader in de arm heeft genomen om Gils gangen na te gaan, voorgoed(?) in de verleden tijd.

Meer vertel ik niet. Laat ik het er op houden dat het een bijzonder aardige film is geworden, met een magisch-realistisch verhaal dat vooral de liefhebbers van Parijs - en wie is dat niet - zal aanspreken.

Trainingsloop vol ongemakken

Altijd een beetje lastig om een wat minder positief verhaal over een training of wedstrijd te vertellen. Zoals over de training van zaterdagochtend. Niet dat ik mij ervoor schaam, integendeel: lopen gaat met ups en downs, dat geldt voor iedereen. Bovendien 'zit' ik er na afloop helemaal niet zo mee, er zijn veel ergere dingen. Maar juist omdat er veel ergere dingen zijn, heb ik het gevoel dat elke uitwijding een blogbericht als dit tot een ergerlijke egotrip maakt. Aan de andere kant: negatieve verhalen horen er ook bij, waarom altijd 'hoera' verhalen?

Nou goed dan, niet te lang. De weersomstandigheden waren ideaal gisteren: nagenoeg geen wind, strakblauwe hemel, de hele dag zon. Het kòn simpelweg niet beter. Beetje aan de frisse kant misschien, maar als je eenmaal loopt heb je daar geen last van. Er stond een duurloop van 35 km op het programma. Op mijn programma tenminste, dat was het doel. Als dat zonder al te veel problemen ging lukken, dan zou ik mijn inschrijving voor de halve marathon Berenloop gaan overzetten naar de hele marathon.
Met de tram reed ik naar Centraal Station, liep naar de overkant en bij de Koekamp ging ik van start. Langs de Koekamp en achterlangs het gebouw van VNO/NCW liep ik het Haagse Bos in. Het ging al heel snel mis. Ondanks een adequate voorbereiding speelden al na anderhalve kilometer mijn darmen op. Bovendien zat er absoluut geen vaart in mijn lijf en benen. Ik liep al meteen dik zes minuten over de eerste kilometer terwijl ik op dat moment dacht: ik ga te hard. Maar het tegendeel was waar. En zo ging het door, langs Huis ten Bosch, bij Duindigt langs de Rijksweg, onder het viaduct richting Wassenaar. En meermalen de bosjes in, voor zover ik die tegenkwam. Tja, het is niet anders en het kon niet anders.

Maar wat vooral de deur dicht deed was de ontstellende traagheid van het duurlooptempo. Ik had absoluut niet het gevoel dat ik langzaam liep, maar als ik twee of drie keer van de - uiteindelijk - ruim 20 km die ik heb gelopen onder de 6 minuten kwam, was dat veel. En een marathon in vier en een half uur lopen - of nog langzamer - daar had ik geen zin in. Er zat geen spatje soepelheid in de benen, overal pijntjes, zowel fysiek als mentaal ging het voor geen meter. Dus voordat ik Duinrell bereikte, stond mijn besluit vast: ik ga in Terschelling gewoon die halve marathon lopen, 'bewijzen' dat ik een marathon kan lopen hoef ik noch tegenover mijzelf noch tegenover anderen (meer) te doen. Voordeel is ook dat ik nadien - ook in het trainingsweekend over drie weken - gewoon overal aan mee kan doen, ik hoef geen herstelperiode in te lassen. Hoe dan ook moet ik volgend jaar in Berlijn wel aan de bak, en dan maakt het niet uit hoe snel of langzaam ik 'm loop.

Kortom: het werd letterlijk kortom, halverwege de landgoederenroute liep ik via een mooie bosrijke omgeving terug richting Den Haag. Ik heb ook stukken gewandeld, ik (of het lijf) had(den) er geen zin meer an. Echter in het Haagse Bos - ik was al bijna bij het Malieveld - kwam ik Karin (een vriendin van een vriendin) tegen. Ze was met een soort scootmobiel en een lief klein hondje. Even een praatje gemaakt, maar het werd snel fris als je stil stond dus wilde ik door. Maar ze bood aan om ergens wat bij te praten onder het genot van een kop koffie. Nou ja, dat was nooit weg natuurlijk.

Uiteindelijk hebben we een kwartier, twintig minuten op een buitenterrasje aan de Herengracht in het zonnetje gezeten. Het was bij het DE café. Het duurde wel lang voordat de koffie gereed was maar dan had je wel de beste cappucino die je in Den Haag kunt drinken. Karin is Officier van Justitie en vertelde over haar werk en de projecten waar ze leiding aan geeft. Wel interessant, het is een job waarin je volgens mij niet zo snel brodeloos wordt.

Daarna met de Randstadrail naar huis, gedouchd, omgekleed om bij Pathé Buitenhof kaartjes voor de filmvoorstelling van vandaag te kopen. Daarna via De Bijenkorf (waar ik van die ouderwetse zwart-suede clarks kocht) en de AH wederom met de Randstadrail naar huis.

De avond is zeer rustig in huiselijke sfeer doorgebracht, met voor mijn doen veel tv kijken. Tot laat in de nacht eigenlijk, de Nacht van de Popmuziek. Leuk, wel veel oude muziek (uit 'mijn tijd') maar Leo Blokhuis zei het al: het is een 'archief-programma'.

vrijdag 21 oktober 2011

Bacchanten

Het werd een fikse wandeling gistermiddag. Eerst 25 minuten vanaf station Heemstede naar Waterleiding, waarbij de oprijlanen en kastelen van huizen die je in Vogelenzang passeert al doen vermoeden dat je met een voorstad van Bloemendaal te maken hebt. Daarna anderhalf uur stappen in Waterleiding zelf, waar het momenteel inderdaad gonst (of beter gezegd: ronkt) van de activiteiten die verband houden met de damhertenbronst.

Ook de terugweg een paar uur later ging weer met de benenwagen want ik zou dan eerder bij het station zijn dan met de bus, die vanaf Waterleiding één keer per uur gaat. Om vijf uur was ik thuis.

Twee uur later waren we alweer op pad, maar ditmaal naar het Appeltheater. We gingen - met nog een paar mensen van onze trainingsgroep - naar de voorstelling 'Bacchanten', een eigentijdse bewerking van het klassieke drama.

Dionysus temidden van zijn bacchanten (foto Leo van Velzen)


Het verhaal van Bacchanten is als volgt. Dionysus (de God Bacchus) komt in de gedaante van een - naar eigen zeggen - welgebouwde man aan in Thebe, de stad waar koning Penteus regeert. Dionysos eist erkenning voor zijn cultus (van speelsheid, vrijheid-blijheid, schoonheid en levensgenot) en goddelijke status, maar Penteus wil daar niets van weten. Al die zaken zouden zijn volk maar onbeheersbaar maken en Penteus is een heerser die het volk met ijzeren hand gedisciplineerd (lees: onderdanig) houdt.

In een roes van waanzin en extatisch genot jaagt Dionysos alle vrouwen de stad uit naar de bergen om hem daar te vereren. Hij haalt Penteus over om ook naar de bergen te gaan en daar stiekum de naakte en spelende vrouwen te begluren, iets dat niet van gevaar ontbloot is. Hij zou zijn leven niet zeker zijn. Op het moment dat de vrouwen zouden ontdekken dat een man van vlees en bloed hen begluurt, hij zou in stukken verscheurd worden al is-ie honderdmaal koning. Dus Penteus begeeft zich, als vrouw vermomd, tussen de Bacchanten (de verleidelijke vrouwen, handlangers van Bacchus, die met dans en zang de mannen het hoofd op hol brengen).

Uiteraard loopt het stuk niet goed af, daar is het een Griekse tragedie voor. Geert de Jong, de moeder van Penteus, speelt daar een cruciale rol in. Ook zij maakte deel uit van de vrouwengemeenschap in de bergen. Zij komt pas aan het eind van het stuk ten tonele, in een rolstoel gezeten, onder het bloed en met een plastic zak vol vleesklompen, de restanten van een uiteen gerijte manspersoon...

Dat iets dergelijks in het actuele leven van 2011 nog steeds voorkomt, hebben wij allemaal kunnen merken, ook al zijn de aanleiding en omstandigheden volkomen anders...

Het was een geweldig stuk vol visuele en theatrale effecten. Zo was er de spiegelwand die diagonaal op het speelvlak stond opgesteld en waarin zowel het publiek weerspiegeld werd als de scènes die zich buiten het toneel afspeelden. Ook de apotheose met de bacchanten aan de voet van een berg van electronica en geluidsapparatuur, waarop Léon Klaasse achter de drumkit een minutenlange, 'John Bonham-achtige' drumsolo ten beste gaf, was even oorverdovend als toepasselijk.

donderdag 20 oktober 2011

Kabouters

Een verklaring heb ik vooralsnog niet, maar feit is dat Arne en ik vannacht, fietsend door de Bosjes van Pex, een bijzondere ontmoeting hadden met groepjes kabouters. Het waren wel kabouters van de vrouwelijke kunne, je zou evengoed kunnen zeggen dat het allemaal Roodkapjes waren. Nu hadden wij wel wat herfst- dubbele bokjes op, dat zou al veel kunnen verklaren, maar daarvoor was de ervaring toch te helder.


Aan deze buitengewone paranormale ervaring ging een gezellige avond vooraf, die uiteraard begon met een zeer pittige training. Onze Groep 5 was ruim vertegenwoordigd. Op het programma stond een duurloop met daarbinnen stevige lange tempo's volgens het schema 1 km - 2 km - 1 km - 2 km - 1 km. Grappig, als je dat zo inklopt lijkt het niets, een 'eitje', maar het was allemachtig zwaar. Alhoewel, trots mijn verkoudheid - zich nu alleen uitend in hevige hoestbuien en geïrriteerde bronchieën - kon ik de groep toch redelijk bijbenen. Niet de kopgroep, uitsluitend samengesteld uit de snelste dames van onze groep, maar wel kort daarachter. Onze Patrick, verreweg de snelste loper van onze groep, liep na een lange blessure-periode weer met ons mee. Hij liep meteen vrij 'van voren'. Tja, waar talent laat zich niet remmen.

Na de training bleek het in het clubhuis een drukte van belang. Althans wat Groep 5 betreft zeker. Anja was vorige week jarig en vierde dat nu voor haar loopvrienden. Er was dus kruimel-appelvlaai en kersen-slagroomvlaai voor de liefhebbers. Ook was Lara er weer, en dat was bijzonder. Bijna een jaar geleden - of is het langer geleden? - is zij getroffen door een hersenbloeding, herseninfarct, geef het een naam. Na een lange en intensieve revalidatieperiode is zij weer grotendeels hersteld. Ze zag er heel goed uit.


Naderhand had ik het met Bibi over de film die wij allebei hadden gezien en grote indruk op ons had gemaakt: Melancholia van Lars von Trier. Het verhaal van de ondergang van de wereld door de botsing met de planeet Melancholia. Een thriller met metafysische trekjes, heel bijzonder. Zij raadde mij Midnight in Paris aan, de film over Parijs van Woody Allen. Alleen door haar beschrijving van bepaalde scènes dacht ik: ik zàl en moet deze film binnenkort zien!

En zo waren er nog zo wat van die gesprekjes en social talk, hoe dan ook: het was weer een gezellig samenzijn. De feestvreugde werd nog versterkt doordat onze meest creatieve barcommissie - onder andere bestaande uit Ruud van A. en Cor van der G. - de boel weer mooi hadden aangekleed: er hingen grote gordijnen waardoor het bar-gedeelte van de rest van de kantine was gescheiden. De vorige keer was er een 'sixties-avond', ditmaal een 'Hollandse avond', er werd uitsluitende Nederlandstalige muziek gedraaid. Het clubhuis zag er een beetje uit als een alternatief theater. Leuk.

En terugkomend op die paranormale ervaring in het bos: uiteindelijk leek het vooral een wandeling van een groep kinderen onder begeleiding te zijn. Om kwart over twaalf  's nachts. Wel een raar tijdstip om daar nog te wandelen, maar goed...

woensdag 19 oktober 2011

Blackberry back!

Toegegeven, het is wat flauw en ook een beetje mosterd na de maaltijd, maar bij de problemen met de blackberry - inmiddels opgelost, de bezitters zijn weer online - zong onwillekeurig onderstaande liedje door mijn hoofd.


Het is een 'Gouwe Ouwe' van The Move. Misschien is het ook een beetje een leeftijdskwestie dat herinneringen steeds sterker worden naarmate je ouder wordt. Overigens leverde een andere hitsingle van The Move, "Flowers in the Rain", de groep nog veel problemen op destijds. Op de platenhoes stond namelijk een cartoon afgebeeld waarop men de toenmalige Minister President Harold Wilson in bed zag liggen met zijn secretaresse Marcia Williams. Wilson daagde de groep voor het gerecht en won, waarop de groep alle kosten en royalties verkregen door die song, (die anders naar de componist Roy Wood waren gegaan) moest afdragen aan een goed doel.

Overigens vielen de problemen bij de blackberry in het niet bij de migratieproblemen van Weblog.nl, want die zijn na anderhalve maand - of is het alweer langer? - nog steeds niet opgelost, maar daar lees je weinig tot niets over. Het hemd is nader dan de rok...

Voor de rest: beschouw dit bericht maar als een tussendoortje, er valt weinig te vertellen. Of veel, maar dat lijkt mij minder interessant voor de lezer, is allemaal werk-gerelateerd. De komende dagen staat er wel weer wat op stapel.

zondag 16 oktober 2011

Veel deelnemers bij Halve marathon Amsterdam

Vandaag was de grote dag van de Amsterdam Marathon en de Mizuno Halve Marathon. Volgend jaar sla ik over, niet alleen omdat ik in Berlijn hoop te lopen maar omdat 'Amsterdam' mij véél te massaal is. Bovendien was het afhalen van de startnummers niet goed geregeld, en dan druk ik mij nog heel vriendelijk uit. Er stonden lange rijen te wachten in de hal voor de tafels waar de enveloppen met inhoud werden uitgereikt, de gemiddelde wachttijd was een half uur. Gevolg was dat aardig wat lopers te laat of in een verkeerd startvak terecht kwamen. Positief was dat het weer - ook net als vorig jaar - schitterend was, de hele dag zon, zon en zon.


Evenals vorig jaar, had ik afgesproken met collega's die voor 'de halve' hadden getraind. Was ik vorig jaar echter alleen met Siebrand, nu was ook Ruud daarbij. En er zouden ook de nodige webloggers meedoen, vooral aan de marathon. Echter ben ik het zicht een beetje kwijtgeraakt, door het lange off line zijn van weblog.nl ben ik ook alle links naar de bloglopers kwijtgeraakt. Via enthousiaste oproepjes op Facebook van Running Ronald - die vandaag vooral aanmoedigende Ronald was, compleet met megafoon - wist ik echter dat de bloggers zich niet onbetuigd zouden laten. Ik heb ze alleen geen van allen gezien. Nou, dat is niet helemaal waar, Ronald zag ik dus en Marco, die mij opmerkte toen ik langszij kwam en enkele meters met mij opliep.

Eventjes in de rij om het startnummer af te halen...:-/

Maar even bij het begin beginnen. Wij (Siebrand, Ruud en ik) hadden om half twaalf afgesproken bij de ingang van Amsterdam CS. Ik was met de trein gekomen, Ruud ook, Siebrand woont in Mokum dus was met de tram gekomen (geloof ik). Gedrieën gingen we een bakje koffie, espresso en cappucino drinken in Café Karpershoek, een bekend ouderwets bruin knijpje tegenover het station. Daarna met de metro naar de Amstelveenseweg vanwaar het een klein stukje lopen was naar de Sporthallen Zuid waar je nog iets kon drinken, de startnummers ophalen (met heel veel moeite en engelengeduld) en gebruik maken van kleedkamers.

Nadat we eindelijk de startnummers hadden opgehaald en opgespeld, liepen we naar het startgebied. Ik was er ruim twintig minuten nadat de lopers van Vak C - waar wij waren ingedeeld (lopers die tussen de 1.45 en 1.55 dachten te finishen) van start waren gegaan. Maar wij waren bepaald niet de enigen. Uiteindelijk kwam ik in de laatste startgroep (blauw) terecht. Balen, maar aan de andere kant: het gaat om je netto (chip)tijd, dus rampzalig is het ook weer niet.

Zoals ik al eerder schreef was ik niet top-fit, afgelopen woensdag merkte ik dat al toen ik 'dood ging' tijdens de strandtraining, waarna ik hevig verkouden werd met alles erop en eraan: niezen, snotteren en snuiten, hoesten, pijnlijke bronchiën. 'Het heerst' hoorde ik vandaag zeggen. Koorts had ik niet, bovendien ging het gisteren (zaterdag) alweer beter dus besloot ik toch van start te gaan. En eerlijk gezegd viel het mij niet tegen, hoe ik liep. De benen wilden wel in ieder geval, al maakten de bronchiën onderweg zo nu en dan mooie fluitende geluiden. Maar ik verslapte niet, eigenlijk had ik al die tijd het gevoel dat ik in een mooi constant tempo liep. Wel kwam bij het 3 km punt Ruud mij voorbij. Zo, die ging goed! Niet gek laten maken, ik bleef in mijn eigen vrij comfortabele tempo lopen.

Wat een mensen deden er mee zeg, niet te geloven. Opeens zag ik Ronald met een megafoon aan de zijkant roepen. Ik probeerde zijn aandacht te trekken maar hij zag mij niet. Marco, die naast hem stond, zag mij wel, maakte bijgaande foto en liep een stukkie met mij op. Leuk!

De laatste kilometers door het Vondelpark ging ik de benen wel voelen maar toch lukte het mij om het tempo te handhaven. Ik had al die tijd het idee dat ik meer inhaalde dan dat ik ingehaald werd, maar of dat iets zegt van de loopsnelheid is in zo'n mega-veld moeilijk te beoordelen.

Toen ik uiteindelijk met honderden anderen het Olympisch Stadion binnenkwam en na nog één halve ronde over de finish kwam, had ik geen idee wat voor tijd ik had gelopen. Niet de 1.49 van vorig jaar, ik schatte zo 1.55 of zoiets. Het bekende ritueel volgde: medaille, flesje drank, stukje banaan. Met een paar Haag-vrienden die ongeveer gelijk met mij waren gefinishd, waaronder Jacqueline, liepen we terug naar de Sporthallen. Daar kwam ik Karin van Gorp van Sparta tegen, even een praatje gemaakt. Zij had een PR gelopen, 1.39! Geweldig. Maar ook zag ik later in de uitslagen dat 'onze' Cynthia (van 'Haag') een fraaie tijd had gelopen, 1.33'.

In de Sporthallen een warme douche genomen - wat best lastig was, er kwam bijna geen water uit - omgekleed en terug naar het van tevoren afgesproken punt voor het gebouw. Siebrand en Ruud stonden al te wachten. Ruud zei dat hij 1.50 had gelopen - zelf had ik hem op 1.41 ingeschat, maar hij kreeg het de laatste kilometers toch zwaar - en Siebrand was net onder de twee uur gefinishd. Even later - ik zat toen al in de metro richting Zuidplein waar ik overstapte op een trein naar Schiphol en daarna een trein naar Den Haag - ging ik kijken op mijn mobieltje wat mijn chiptijd was: 1.52'22'' , toch beter dan ik dacht.

Om tien over zeven was ik thuis. Al met al was het een mooie dag en een mooie loop, maar zoals gezegd: volgend jaar pas ik even.

zaterdag 15 oktober 2011

Over Koetjes en Kalfjes en Parijse kunst in Den Haag




Gisteren hebben we onze dochter en haar vriend een etentje aangeboden bij Koetjes en Kalfjes. Mooie tent, ik zou het een 'luxe bistro' willen noemen. En prima eten geloof ik. Geloof ik?! Ja, want ik had totaal geen smaak, snipverkouden. Gepeperd was het wel ;-). Nou ja, gewoon weer een weekje vasten...

Hoesten, niezen, snotteren... Toch denk ik dat ik morgen de halve marathon ga lopen in Amsterdam. Ik had mij daarvoor al ingeschreven en vanochtend voelde het (hard)lopen naar de bakker wel soepel aan. En geen koorts, dus we wagen het er maar op. Een supertijd zal ik er niet lopen, maar beter langzaam dan niet gerend.

Later op de dag een update, we gaan maar weer eens iets cultureels doen...

Parijs in Den Haag

... en dit is dus de update. Vandaag was de gang naar het GEM fotomuseum en daarna naar het Gemeentemuseum Den Haag. In beide musea is momenteel een expositie met Parijs het thema, en dan vooral 'het oude' Parijs van pakwek 1900 tot 1965.



Na een lichte lunch op het buitenterras van het GEM - dat was goed te doen met de zon die de hele dag uitbundig zou schijnen - gingen we eerst naar het fotomuseum. Wat meteen opviel waren de kleurrijke schilderwerken van Jonathan Meese (1970).  De kunstwerken zijn gigantisch felgekleurde collages van verf met woorden, zinnen, symbolen en beeltenissen van de Duitse kunstenaar zelf. Het heeft een gek soort primaire kinderlijkheid zoals dat ook - bijvoorbeeld - bij Karel Appel het geval was. Zoals ze vroeger zeiden: "Dat kan mijn neefje van vier ook". Die kinderlijkheid komt ook in het materiaalgebruik terug; bijvoorbeeld door kinderspeelgoed in de uitgebreide totaalinstallaties te gebruiken.




Maar langer waren we in de zaal met de tentoonstelling Gare du Nord. Daarin zien we werk van Nederlandse fotografen - waaronder Ed van der Elsken en Johan van der Keuken - die in de periode 1900-1968 in Parijs werkzaam zijn geweest. Deze expositie is zeer de moeite waard, er hangen mooie sfeervolle en 'artistiek ernstig verantwoorde' fotokunstwerken bij. Je waant je in het nostalgische Parijs van de hiervoorgenoemde periode.


Parijs is - niet geheel toevallig - ook het thema van een van de exposities in het belendende Gemeentemuseum Den Haag. Het Centre Pompidou in Parijs heeft voor deze tentoonstelling een veertigtal topstukken ter beschikking gesteld. Je kunt hier nu beroemde meesterwerken van o.a. Kandinsky, Picasso, Matisse en Giacometti zien hangen.

Brigitte Bardot als jeugdige ballerina - Ed van der Elsken

Paris, je t'aime. Parijs laat op iedereen, niet in de laatste plaats op kunstenaars, een onuitwisbare indruk na. Wat mij betreft: er is bijna geen jaar voorbijgegaan of ik was er kortere tijd. Al was het maar een dag of twee dagen. Nou ja, dit jaar niet dan. Het kan niet altijd feest zijn.

Eind jaren zestig ging ik er voor het eerst heen met Christel, mijn toenmalige 'verkering' want zo heette dat. Een romantisch aggenebbis-hotelletje met zo'n 'fout' bloemetjesbehang aan de muur en een ontbijt dat ik tot op de dag van vandaag als meest Parijse en lekkerste beschouw: een grote soepkom lauwe 'café au lait' met een stukje 'baquette' en een verse croissant met abrikozenjam. En overdag zwerven door Parijs, naar de Tuileruien, langs de Seine,  Louvre, Place du Tertre, Sacré Couer, name it. Maar ik dwaal af.

Romantische gevoelens roept Parijs op. Zo is het altijd al geweest. Ook oefende de stad in de eerste helft van de 20ste eeuw een onweerstaanbare aantrekkingskracht uit op kunstenaars uit de hele wereld. Hier werd moderne kunstgeschiedenis geschreven. Ook uit Nederland trokken de meest vooruitstrevende kunstenaars naar deze opwindende plek van vernieuwing en artistieke vrijheid.

Een echte Kees van Dongen
Verscheidene Nederlandse kunstenaars hebben in Parijs cruciale stappen in hun carrière gezet. Piet Mondriaan is een sprekend voorbeeld, na een bezoek aan Parijs gooide hij het roer om; zowel in zijn beroepsmatige- als in zijn persoonlijke leven. Maar het bleef zeker niet bij Mondriaan alleen, ook Kees van Dongen, Karel Appel en Constant raakten geïnspireerd en beïnvloed door het wervelende, bloeiende artistieke leven in Parijs. Deze aanwezigheid van Nederlandse kunstenaars in Parijs krijgt in de tentoonstelling speciale aandacht.

Aangemoedigd door het apocalyptische karakter van de Eerste Wereldoorlog, gedreven door het idee van een betere toekomst of in reactie op de stijl van hun voorgangers, ontwikkelden de kunstenaars in Parijs nieuwe stijlen in de meest wilde en uiteenlopende kleuren en vormen. Parijs was een artistieke vrijplaats, kunstenaars ontmoetten elkaar in het café, groepeerden zich, discussieerden en beïnvloedden elkaar en bevochten hun standpunten. Tegenwoordig kunnen we via internet met iedereen over de hele wereld ervaringen en ideeën delen, maar in die eerste decennia van de twintigste eeuw voldeed alleen een échte ontmoeting. Zo was Parijs de community van de moderne kunst.

Maar of we met beide exposities nog niet genoeg Parijs in Den Haag hebben gehad, komt dit ook nog eens terug in de expositie Mode en Kunst, nu óók in het Gemeentemuseum Den Haag. Met de bekende 'mondriaan-jurkjes' uit 1964 van Yves Saint Laurent, en andere ontwerpers zoals Dior, Govenchy en Sonia Delaunay die creaties ontwierpen waarbij rustig van Kunst gesproken kan worden.

De moeite waard! Ook al moest er twee euro worden bijbetaald - als museumjaarkaarthouder - dat zal geen beletsel vormen om de exposities een andere keer nog een keer te gaan kijken.